Menu

Ode aan de lente

Ode aan de lente

Rokjesdag. Die ene dag in het jaar dat de eerste paar zonnestralen op de Nederlandse terrassen vallen en iedereen, alsof het zo is afgesproken, besluit om kortgerokt (of -gebroekt) de straat op te gaan. Het is een fenomeen dat Martin Bril al in 1996 tot heus Dikke Van Dale woord liet uitgroeien. Het woord brengt zo’n sfeerbeeld met zich mee, dat wij er graag even aandacht aan besteden.

Ode aan de lente Ode aan de lente

Ode aan de lente Ode aan de lente*

Rokjesdag is – om nog even bij Martin Bril te blijven – “die ene dag dat als bij toverslag de straten gevuld zijn met blote benen”. Maar rokjesdag is meer dan dat. Het is een optimistische dag, een blauwe lucht, “een nieuwe lente, een nieuw geluid”. Het lijkt in tijden van corona misschien nog wat ver van huis, maar ook 2020 heeft een lente. Veel evenementen zijn als gevolg van RIVM-maatregelen afgelast, maar we kunnen met zekerheid zeggen dat de seizoenen dit jaar gewoon doorgaan.

En ook dit jaar zullen we dus een rokjesdag hebben, en als dit gebeurt zal het veel meer zijn dan die dag dat de straten gevuld zijn met blote benen. Het zal het moment zijn dat alles opnieuw begint. Een koud witbiertje zal al klaar staan op een zonnig terras en het zal een vrolijk lichtpuntje zijn na een lange tijd binnen zitten en niks mogen doen. Want de lente is en blijft, zoals Maarten van Roozendaal ooit zong “om te janken zo mooi”.

-